Wie legt straks uit dat het mobiliteitsbeleid mislukt is?

De mobiliteitstransitie is geen technologische liefhebberij meer, maar een van de grootste uitvoeringsopgaven voor gemeenten in het komende decennium. De vraag is hoe gemeenten en provincies daadwerkelijk impact kunnen maken en met welke uitvoeringskracht. Veel gemeenten hebben ambitieuze klimaatdoelen vastgesteld, maar recente CROW- en CE Delft-analyses laten zien dat die met het huidige instrumentarium niet worden gehaald.

Mobiliteit moet bijna de helft van de benodigde CO2-reductie leveren, vooral via uitstootvrije stadslogistiek en emissievrije personenmobiliteit. Dat is politiek gevoelig, organisatorisch complex en vergt tijd. En tijd is het schaarste beleidsgoed richting 2030. Beleidsdoelen mikken op 2030, menselijk gedrag kiest eerder 2040.

Toch ligt slechts circa 45 procent van de emissies uit mobiliteit binnen het directe beïnvloedingsbereik van provincies en gemeenten. De overige 55 procent valt onder nationaal en Europees beleid. En zelfs die 45 procent is geen vrijblijvende speelruimte: het is het maximumeffect bij volledige afstemming tussen alle decentrale overheden.

De praktijk in gemeenten laat grote verschillen zien in tempo, prioritering en capaciteit. Provincies kunnen gemeenten ondersteunen via regionale afstemming, kennisdeling, multimodale corridors en kansen voor water- en spoorlogistiek. Gemeenten kunnen ondertussen zelf hun eigen vloot elektrificeren, zero-emissievormen van logistiek faciliteren, eisen opnemen in aanbestedingen en werken aan laadinfrastructuur, ov-concessies en hubs.

Daar komt een fundamentelere vraag bij: wat doen we tegen de groeiende hypermobiliteit? Meer dan 60% van de verplaatsingen is vrijetijdsmobiliteit. Toch gaat het mobiliteitsdebat nog steeds vooral over “sneller en soepeler bewegen”, en minder over de vraag of al dat bewegen wel zo logisch is. Wat is er gebeurd met alle autoluwe en 15-minutenambities? Minder mobiliteit, van personen én goederen, is misschien wel de enige echte no-regret-route.

Gemeenten moeten keuzes maken. De openbare ruimte is schaars, energie-infrastructuur is schaars en de uitvoeringscapaciteit is schaars. Mobiliteitsbeleid wordt systeembeleid: het raakt aan ruimte, energie, logistiek, economie en gedrag.

De vraag is niet of de transitie komt, maar wie haar uitvoert en wie straks moet uitleggen waarom het niet gelukt is.

Walther Ploos van Amstel (op Stadszaken)

No Comments Yet

Leave a Reply

Walther Ploos van Amstel  

Passie in logistiek & supply chain management

FOLLOW